100_4990

Die Blätter fallen, fallen wie von weit,
als welkten in den Himmeln ferne Gärten;
sie fallen mit verneinender Gebärde.

Und in den Nächten fällt die schwere Erde
aus allen Sternen in die Einsamkeit.

Wir alle fallen. Diese Hand da fällt.
Und sieh dir andre an: es ist in allen.

Und doch ist Einer, welcher dieses Fallen
unendlich sanft in seinen Händen hält.

©
Rainer Maria Rilke, Herbst.

De herfst vernielt ons land. De bladeren vallen, vallen van daarginds alsof verre tuinen verwelken in de hemel. De grond bezaaid met kleuren want uit de dood ontstaat een nieuw bestaan. Zoals een kerk eens groot en machtig op haar zetel vecht voor haar behoud, nu duizend kleuren op de grond. Zij vallen met afwijzende gebaren. Jou wil ik niet meer zien, jouw kloppend hart niet langer voelen. Je hebt me pijn gedaan.

Wij vallen allemaal. Deze hand hier valt. En zie de anderen: het is in allen. Gebroken in het hart van ons bestaan. Een Man te volgen, een Weg te gaan. Het is de herfst die ons vernield, die onze wonden open legt. Een man, een vrouw, op zoek naar nieuwe wegen. Je hebt me pijn gedaan. Nu wil ik nooit meer, alleen nog maar, altijd de vrijheid vinden. En dan zeg jij: ‘Kom laat mij je liefde geven.’

Ik val, val als geen ander vallen kan. Een moederhond gewekt schrikt van haar jonge honden. Wie zij zijn en wat zij zeggen, dat er pijn is in hun hart. Wij allen zijn gevallen. Er is geen blad nog groen, onaangetast… zelfs niet één. Onze kelen open graven, onze tong spreekt dubbel, achter onze lippen schuilt het gif van een adder, een mond vol slechte woorden. Wij vallen allemaal.

En toch, toch is er Eén, die al dit vallen oneindig zachtjes in zijn handen houdt. En op een dag – het duurt nog even – zullen wij zien, omhelzen. Gezien in handen van vergeving stappen wij samen voorwaarts.

  • Share/Bookmark

Reageren niet mogelijk.

Get Adobe Flash playerPlugin by wpburn.com wordpress themes
SEO Powered by Platinum SEO from Techblissonline